Zijn Jehovagetuigen de wanhoop nabij ?
Nou ja ... dat is de conclusie die ik trek na het zien van het volgende tafereel:
Twee dames gehuld in jaren '60 mantelpakjes met rokken tot op en over de knie wandelen op woensdagochtend in juni over het trottoir bij mij aan de overkant van de straat. De zon schijnt flauwtjes als ze na iedere 10 passen even blijven staan om de huisnummers en voortuintjes in zich op te nemen; er wordt duidelijk geselecteerd.
De handtassen worden nog even op de aanwezigheid van de juiste foldertjes en kaartjes gecontroleerd en op de linker arm gehangen, waarna het tweetal op een voordeur afloopt die rijkelijk is versierd met roze linten, strikken en vlaggetjes.
Wat de twee dames niet lijken te weten, is dat ze aflopen op de woning van mijn uit Marokko afkomstige overbuurman.
Hij was gastarbeider van het eerste uur en is nu met pensioen. Hij en zijn vrouw zijn inmiddels al 50 jaar getrouwd. De roze versiering op de voordeur duidt niet alleen op een geslaagde inburgering maar ook en vooral op het feit dat hun eerste achterkleindochter onlangs is geboren.
De deur gaat open en de vrouw in het lichte mantelpakje start onverschrokken haar religieuze colportage door eerst haar collega in het donkere mantelpakje voor te stellen en daarna te vragen of mevrouw weet waarvoor de dames aangebeld hebben.
De mosli-oma, geheel gehuld in prachtige traditionele moslimkleding, spreekt gebrekkig Nederlands, waarop de dames blijkbaar al snel concluderen dat de taalbarrière niet zal leiden tot het redden van de zielen van dit gezin. Misschien dat de kleiding van de vrouw hun ook een beetje aan het twijfelen heeft gebracht.
De deur wordt weer gesloten en iets verteld mij dat het toch overgrootmoeder is geweest die hiervoor het initiatief heeft genomen, nog voor de dames opgaven.
Als ik bijgekomen ben van deze toch wel hilarische toestand, besef ik hoe ik eens te meer vind dat colporterende Jehovagetuigen een beetje zielig zijn, een permanent bord voor het hoofd dragen en blijkens het hierboven geschetste gebeuren ook een dikke waas voor de ogen hebben.
Er is weinig veranderd in 50 jaar, zou je zeggen.
De realiteit is echter dat dit tafereel 50 jaar geleden had geresulteerd in de conclusie dat de Jehovagetuigen handelden uit onwetendheid en dachten dat mensen uit een ver land toch op zijn minst bekeerd moeten worden.
Inburgeren was toen nog een niet bestaand begrip.
Nu, anno 2009, zie ik het geschetste gebeuren toch meer als een wanhoopsdaad. Zoiets als "ze zijn nu redelijk ingeburgerd, dus ze zouden nu ook wel eens een naar het woord van onze God willen luisteren".
De gebeurtenis heeft toch wel indruk gemaakt op de beide dames. Ze praten nog 10 minuten na op het trottoir en besluiten dan deze bewuste straat maar in zijn geheel op te geven en te vertrekken.
Daar baal ik van.Ik had mij zo verheugd op een discussie met de dames; een discussie die welzeker zou voortborduren op de close-encounter tussen de Jehova-mantelpakjes en de mosli-oma.
Jammer.
Schoen tussen de deur,
10 juni 2009